Toen ik vandaag een basisschool bezocht maakte ik iets mee dat ik nooit eerder bij de hand had. Ik kwam in een overigens goed voorbereide (veel van mijn boeken in de klas en er was veel gelezen) en leuke groep vijf vertellen over mijn boeken en mijn werk als kinderboekenschrijver. Twee jongens zaten een computerspel te doen in de hoek van de klas, iets met een auto op een snelweg. Ze fluisterden. Ik nam aan dat het leerlingen van een andere groep waren die niet mee konden doen met gym of zoiets. Toen ik ernaar informeerde zei de leerkracht: “Nee, ze zitten in deze klas, maar ze hadden geen zin om te luisteren.”
Ik kon mijn oren niet geloven! Geen zin om te luisteren naar een kinderboekenschrijver die iets over lezen en spannende kinderboeken komt vertellen? Hoe blasé kun je zijn (8/9 jaar)? Je speelt liever een computerspelletje? En dat mag dan van de leerkracht?

NOU, VAN MIJ NIET!
“Kom daarachter vandaan!” sommeerde ik de twee jongens verontwaardigd. “Zijn jullie nou helemáál! Zitten! En luisteren! Wie is hier in de klas nou eigenlijk de baas, zeg?!” Ik wilde de leerkracht niet met alle kinderen erbij vertellen hoe ik erover dacht en dat vergde flink wat zelfbeheersing, maar het lukte na enig binnensmonds gesputter en wat gerommel tussen mijn boeken, met gebogen hoofd zodat ik even niemand aan hoefde kijken. De jongens gingen gedwee zitten en deden verder goed mee. Maar ik was werkelijk ontzet. Wat krijgen we nou zeg!

Advertenties