Afgelopen week reisde ik weer eens naar een PABO om er vier colleges te geven aan eerste- en tweedejaars studenten. Ik zou ook een boekentafel verzorgen. Ik verheugde me erop, want aankomend basisschool leerkrachten enthousiast krijgen voor voorlezen, lezen en het gebruik van boeken en verhalen op school is iets waar ik zeer warm voor loop. Ik had mijn colleges dan ook extra voorbereid en had dit keer een mooie powerpoint in elkaar gezet. Omdat het weer ijzel/sneeuwachtig was, besloot ik de dag tevoren al naar de plaats van bestemming te rijden en daar in een hotel te overnachten. Zo kwam het dat ik in mijn eentje in het prachtig versierde (kerst) restaurant van het hotel besloot te gaan eten, met een wijntje erbij. Ik kon mooi alle gesprekken om me heen afluisteren en genoot van het feit dat ik eens zelf niet het eten hoefde te koken, opdienen en opruimen. De volgende ochtend vond ik in de vrieskou mijn weg naar de ingang voor leveranciers van de PABO en werd na enig kloppen en bellen binnengelaten met mijn dozen met boeken.

De leerkrachten die me ontvingen waren heel aardig en gastvrij en hielpen me meteen met het opzetten van de boekentafel. Het auditorium was prachtig en een gigantisch witte muur toonde mijn powerpoint op zijn best. Vol goede moed stond ik dan ook klaar toen de eerstejaars studenten binnen kwamen… met laptops en mobieltjes. ‘Eh… hebben jullie een beleid tav die mobieltjes?’ vroeg ik de leerkracht die mij zou inleiden. Nee, geen beleid. Okee, ik nam aan dat de studenten van een leeftijd waren dat ze wel begrepen tot hoever ze konden gaan met die mobieltjes. Dat wisten de eerstejaars bijna allemaal en deze colleges verliepen dan ook geanimeerd. De studenten waren enthousiast en kwamen napraten aan de boekentafel. Na de lunch was het echter een ander verhaal met de tweedejaars. Er kwamen een paar studenten binnen die helemaal niet van plan waren te luisteren. Waarom ze sowieso binnen kwamen zitten is mij een raadsel. Van mij hadden ze best in de kantine mogen blijven. Voortdurend hielden ze elkaar grinnikend mobieltjes onder de neus en van het begin af aan luisterden ze niet en keken mijn kant niet eens uit. Waar keken ze naar? Youtube filmpjes? Ik raakte de draad van mijn verhaal een paar keer kwijt en sprak een paar studenten die echt niet van ophielden wisten, aan. ‘Dit leidt me enorm af. Zou je je mobiel even weg willen leggen?’ vroeg ik. Ze keken verbaasd en enigszins geïrriteerd, maar voldeden uiteindelijk toch aan mijn verzoek. Omdat ze toen wel moesten luisteren, werden ze zowaar toch nog gepakt door hetgeen ik stond te vertellen. Bij het vierde college begon ik wel moe te worden, en ook mijn stem raakte vermoeid. En mijn tolerantie. Dat gezeik met die mobieltjes. Grrrr! Die studenten waren wel niet leerplichtig maar het lijkt me niet meer dan FATSOENLIJK om die klotendingen in elk geval rustig te laten liggen en niet midden in mijn gezichtsveld ermee te zitten klieren. ‘Wat gedraag jij je strontvervelend!’ viel ik dan ook uit tegen een klier van een meid die zich werkelijk het hele college lang  misdroeg. ‘Ikke?’ vroeg ze vol onschuld met de bijbehorende uithaal. Ja, zo gaat dat. Ik denk niet dat zij boeken van mij zal gaan voorlezen als ze eenmaal juf is.

Enfin, ik overleefde het laatste college ook. En op weg naar huis, met de ondergaande zon blinkend in de autoruiten, vroeg ik me enigszins uit het veld geslagen af waarom er geen fatsoensafspraken gemaakt kunnen worden over het gebruik van de mobieltjes. (De “laptop-studenten” zaten overigens volop te typen en de powerpoint te bekijken en leken goed bij de les te zijn, en de meeste studenten gedroegen zich netjes en waren geboeid. Een paar studenten kwamen zelfs hun excuus aanbieden voor de anderen en zeiden zich te schamen voor het gedrag van die ‘daarboven zaten’.)

Als deze studenten straks leerkracht zijn, hebben ze dan hun mobieltjes voor zich liggen op hun tafel en kijken ze daar voortdurend op, boodschappen typend en linkjes open klikkend? ‘Even wachten, jongens, de juf/meester moet even kijken naar de foto’s van de kroeg van gisteren, het was daar zo lollig…’ Overigens was dit mobieltjesgedoe niet helemaal nieuw voor me. Tijdens het kinderboeken festival in Suriname zaten de leerkrachten van de kinderen, op enkele betrokken en gemotiveerde personen na, ook allemaal te sms-sen en keken niet op of om naar wat zich tussen de kinderen van hun klas en mij afspeelde.

En het is niet omdat ik niet boeiend kan vertellen. Wie dat durft te beweren, kan de boom in!

 

Advertenties