Het kinderboekenmuseum in Den Haag

HET VRAAGSTUK ANNO NU: INHOUD OF POPULAIR?

Gisteren zag ik op facebook een verwijzing naar een berichtje van 3 mei op http://www.nrc.nl van Roderick Nieuwenhuis met een foto erbij van een speelhuisje waar kinderen in passen, gemaakt van kinderboeken. Het huisje staat volgens het onderschrift in de Iowa City Public Library. Het artikeltje geeft aan dat de meningen over dit soort bouwwerken verdeeld zijn. Er zijn mensen die het prachtig vinden en meteen ook in hun boekwinkel/bibliotheek willen, maar er zijn ook mensen die het zonde vinden en vinden dat de boeken (afgeschreven boeken in geval van de bibliotheek) beter naar een goed doel kunnen gaan, zoals scholen, Suriname, bij voedselpakketten, enz.

Ik weet nog goed dat een tijdje terug, toen ik de eerste foto’s zag van de boekenmuren bij berichtgeving over de vorderende vernieuwing van het kinderboekenmuseum in Den Haag (dat ik overigens verder een warm hart toedraag) ik echt even moest slikken. Ik vond het verschrikkelijk en kon niet geloven dat iemand echt zoiets respectloos bedacht had. En dat in een kinderboekenmuseum, waar nu juist duidelijk zou moeten worden dat een boek meer is dan een zielloze baksteen! Een boek is een gedachtegoed, een handreiking, een communicatie. Een boek biedt inzichten, avonturen, denkbeelden, mooie taal om je gedachten en gevoelend mee te uiten en praktische taal om je mee te redden, ontspanning, afleiding, herkenning, troost en verder kijken dan je neus lang is.

Ik ben nu een paar keer in het kinderboekenmuseum geweest en voel me er altijd bedroefd en wreed afgewezen als ik daar tussen die boekenmuren loop. Het zal met mijn jeugd te maken hebben. Voor het kind dat ik was waren boeken¬† reddingsboeien die me drijvend hielden op een woeste zee van onwetendheid en levensangst waarin ik worstelde om het hoofd boven water te houden. Woorden en ervaringen van schrijvende vrienden waaraan ik me vastklampte en die ik als leermeesters beschouwde. De schrijvers van de boeken die mij inzichten verschaften ben ik altijd innig dankbaar geweest. (Ik denk nu, misschien omdat het vandaag dodenherdenking is, aan een boek dat ik als kind vaak heb gelezen en dat een onuitwisbare indruk op me maakte: “Mens of Wolf?” van Ann Rutgers van der Loeff, bijvoorbeeld.)

Het zal voor ieder anders liggen dus daarom heb ik het over mezelf: ik ben een schrijver die schrijft om inzichten te communiceren en te delen met mijn lezers. Ik denk na over de vorm, over grapjes waarmee ik¬† hoop te boeien en te raken, over het avontuur waarvan ik hoop dat kinderen zullen denken: ‘Hoe zou ik me hieruit redden?’ Over wisseling van perspectief waarmee ik verschillende kanten van een zaak laat zien. Ik probeer te vertellen over liefde, over vriendschap, over familie, over dromen en over de realiteit. Soms is een boek een beetje gek, spannend, aangrijpend of droevig. Maar het gaat (een enkel heel simpel avi-boekje daargelaten omdat de vorm dit bijna niet toestaat) altijd ergens over.

Stel: je hebt een appeltaart gebakken. Je bent eerst naar de winkel gefietst en hebt alles gekocht. Appeltjes zitten schillen, rozijnen gewogen, bloem gestrooid, deeg gerold. Alles eindelijk klaar in de oven geschoven, keuken opgeruimd. De taart nog bestreken met wat ei om hem te laten glanzen. Ingepakt. Overhandigd. Alsjeblieft, ik hoop dat hij lekker is. Om twee dagen later te horen dat ze zo hebben gelachen. Ze hebben een taartgevecht gehouden met je appeltaart. Sjonge, jonge. De stukken appel zaten aan de muur, haha. Moet kunnen? Toch?

Ik vraag me af: zouden we een muur bouwen van boeken van schrijvers voor volwassenen? Om maar even meteen heiligschennis te plegen – met de boeken van Mulisch? Bordewijk? Haasse? Vestdijk?

Hoe kan ik niet voelen dat een muur van kinderboeken natuurlijk mag en juist ‘cool’ is omdat er geen respect voor de inhoud hoeft te zijn? Alsof een kinderboek wijsheid zou kunnen bevatten, liefde, verwondering, herkenning, haat, verdriet en onrechtvaardigheid. Het zijn maar kinderboeken, toch? Niet te gewichtig doen.

Al schrijvend schieten met talloze voorbeelden te binnen over de veranderende opvattingen rond het begrip respect. Lijken worden opgezet, geprepareerd en tentoongesteld. Hoe hopeloos ouderwets en overgevoelig ben ik dan, om me verloren, afgewezen en gefaald te voelen tussen muren van dichtgelijmde, ongelezen kinderboeken?

(Nou, vooruit. Ik kan leven met een klein krakkemikkig sprookjeshuisje van tot op de band stukgelezen bibliotheekboeken vol sporen van dankbaar gebruik, zoals opgedroogde kindertranen, drop- en chocoladevingerafdrukken, bullebakken, limonade- en theekringen, ingekleurde of uitgeknipte illustraties en geheimzinnige kanttekeningen in kinderhandschrift zoals: ‘De heks liegt!’ ‘Ik ben ook verliefd maar ik zeg niet op wie…’ ‘mama is stom,’ en ‘wie dit leest is gek’.)

Boekenhuisje Iowa City Public Library

Advertenties