naar de grenzen van de werkelijkheid

De eerste tien jaar schreef ik uitsluitend boeken die gebaseerd waren op de realiteit. Ik kon die realiteit niet loslaten. Pas toen ik een poos niet schreef en er een periode van rust in mijn leven had plaatsgevonden, schreef ik het eerste verhaal dat zich niet in een herkenbare werkelijkheid afspeelde – een sprookje genaamd “Eilandheimwee”, dat werd bekroond met een Zilveren Griffel. Sindsdien was het prettig de werkelijkheid te laten voor wat het was en nieuwe werelden te scheppen, op het randje van die werkelijkheid soms, waardoor lezers twijfelden. Het was herkenbaar en toch niet. Zoiets kon toch niet bestaan/gebeuren… of wel? En: Kon zoiets maar echt gebeuren. Bestonden deze boekpersonen maar echt.

Met schilderen verliep het voor mij vlotter. Thuis zette ik van alles op het doek zonder voorbeeld, tastend en zoekend tot er iets herkenbaars ontstond… en toch ook weer niet – situaties op de grenzen van de realiteit. Anders was het met een model voor mijn neus. Dan probeerde ik toch altijd weer een gelijkenis te treffen. Telkens weer ging wat ik maakte lijken op wie er voor me zat, of ik dat nu een interessant model en een interessante pose vond of niet (meestal niet). Voor mijn gevoel lukte het me gisterenavond voor het eerst echt om het model en de pose, waar ik helemaal niets mee had, los te laten door mijn blik ervan af te wenden en alleen nog maar gedeeltelijk haar houding te gebruiken voor wat ik wel interessant vond en wilde tekenen.

Een moeizaam proces waar ik altijd mee bezig ben en aan werk – het verbeelden van de grenzen van de werkelijkheid en het ongevormde land daarachter. Daar is het zoveel interessanter en daar vertoef ik zoveel liever dan in het land van de realiteit die wij denken met elkaar te delen.

zo precies mogelijk naar werkelijkheid

Advertenties