Er was een tijd dat ik niet gratis kwam signeren of voorlezen, behalve dan in of vlakbij mijn eigen woonplaats omdat dit vaak meer een soort ‘vriendendienst’ was. Het kost mij toch een dag(deel) en niemand werkt graag onbetaald, zeker niet als je er voor moet reizen. Dit was zoals het was en leek door iedereen geaccepteerd te worden. Boekhandels betaalden netjes via Stichting Schrijvers School Samenleving en natuurlijk wilde ik best weleens wat extra’s doen, maar het bleef een werkrelatie. Maar de tijden zijn veranderd. De boekhandels hebben het moeilijk en (sommige) schrijvers willen graag hun boeken meer voor het voetlicht krijgen. En wat doen mensen dan? Die zoeken elkaar op en proberen samen te werken. Vandaar dat ik dit jaar iets heb gedaan wat ik in de 30 jaar hiervoor nooit wilde: signeren op een markt die niet speciaal rond lezen of boeken is georganiseerd. Geheel vrijwillig. Omdat het om een erg leuke zaak gaat met aardige eigenaars, dicht bij huis, en omdat ik het weleens wilde proberen. Ik kon thuis zitten bij de kachel of dik aangekleed in een standje voor de Bruna. Begin deze maand ging ik naar het Sinterklaasfeest in het winkelcentrum. Erg leuk, vol kinderen, enthousiaste ouders. Sinterklaas speelt nog altijd een enorme rol bij jonge gezinnen, merkte ik aan alle reacties. En de mensen waren erg enthousiast over “Het grote voorleesboek van Sinterklaas”. Opbrengst: Zeventien boeken verkocht, twee uurtjes lol en Sinterklaaspret, enthousiaste kinderen, voorlezen in de kou in de stoel van de Sint en een leuke cadeaubon.

Afgelopen zaterdag waagde ik me daarom bij dezelfde boekhandel in Alphen aan den Rijn (Bruna, wd De Atlas) aan de kerstmarkt. Mensen komen voor kerstspullen en niet voor boeken, maar er waren er toch genoeg die het leuk vonden om “Het grote voorleesboek van de winter” te bekijken. Het was leuk deel uit te maken van de bedrijvigheid. Opbrengst: 11 boeken verkocht, leuke gesprekken gehad met belangstellenden, veel vragen van kinderen beantwoord, een pot kerstjam gekregen van de stalhouder ad overkant, en een fles gluhwein. Een cadeaubon wilde ik niet meer, want dan zou de boekhandel verlies lijden op mijn komst (Hoe erg is dat! Niet aan denken… niet aan denken!)

Er was een tijd dat ik dit vreselijk zou hebben gevonden. Leuren met mijn boeken alsof ik verse vis sta te verkopen. Alsof ik mezelf te koop aanbied. Mijn denkwereld, mijn creatie, mijn liefde voor het vak en de liefde die ik in de verhalen heb gestopt. Ik wil zo niet meer denken. Ik probeer zo niet meer te denken. Het was leuk, daar denk ik aan. Ik heb het geprobeerd, als een beginneling met een debuut dat niet verder is gekomen dan het plaatselijk krantje. Maar dat wil ik ook niet zo voelen.

Zonet, terwijl ik begon met koken, werd ik gebeld door een man die verpakkingen wilde verkopen voor boeken. Had hij me te pakken via de KvK of via LinkedIn? Ik weet het niet. Hij was aardig, vaderlijk, charmant en uitermate beleefd en absoluut geen geroutineerde salesbeller. En, dacht ik, zijn zaak had het ook moeilijk, anders zou hij niet op deze manier mensen opbellen. Ik heb hem niet afgesnauwd en zelfs nog even met hem gesproken, terwijl ik tot voor kort geen greintje geduld had met mensen die het wagen me te bellen om iets te verkopen.

Ik ben benieuwd hoe mensen hun grenzen zullen verleggen om hun spullen aan de man te brengen als de tijden nog moeilijker gaan worden. Beginnen we in deze zakelijke maatschappij elkaar toch weer op straat te ontmoeten, handenwrijvend boven een vuurkorf, rode neuzen, flacon gaat rond… o nee, dat is Dickens.


Advertenties