Kinderen en genderspecifiek taalgebruik

imagesManspreading (mannen die met de benen wijduit zitten in het OV), man slushie (cocktail zonder het parapluutje en andere ‘fancy shit’), mansplaning (mannen die op neerbuigende toon iets aan vrouwen uitleggen wat ze allang weten), mansnuggy (harige man in zijn eigen ‘truitje’), manblink (mannen die tegen hun tranen vechten), man buffer (de twee stoelen die mannen worden geacht tussen hen leeg te laten in een niet volle bioscoop). En zo waren er nog veel meer voorbeelden. Een onderzoek waar ik om moest lachen, soms hardop, maar dat ook schrijnend was omdat duidelijk werd dat mannen en vrouwen onder grote sociale druk staan en zowel lijden onder, als profiteren van de starre en veroordelende sociale druk wat betreft gender.

Onlangs publiceerde Océane Foubert, een jonge taalwetenschapSTER (!) The case of man-X in LEXIS* over genderspecifiek taalgebruik (Engels) en de bedoelingen hiervan. Voor ik aan het lezen ging, had ze mij tijdens een ontmoeting al van iets overtuigd waar ik eigenlijk geen zin meer in had: in het nut van het

vragende vingers

gebruik van vrouwelijke aanduidingen als ‘schrijfster’, ‘directrice’, ‘voorzitster’, etc. Soms krijg ik van kinderen te horen: ‘U moet toch schrijfster zeggen?’ En dan antwoord ik: ‘Nou ja, iedereen weet nu wel dat wanneer je schrijver zegt, dit een man of een vrouw kan zijn.’ Maar dat schijnt helemaal niet zo te zijn. Het schijnt dat kinderen aannemen dat een schrijver een man is tot anderszins duidelijk wordt (foto of optreden). Hetzelfde geldt voor directeur, chauffeur, voorzitter, kunstenaar, en natuurlijk brandweerman, ombudsman, etc.
Dus nu gebruik ik ‘schrijfster’ weer, en ‘voorzitster’.
Ik ben altijd al alert op vrouwen in functies in mijn boeken, en liet in mijn laatste boek de buschauffeur een vrouw zijn, maar buschauffeuse… wat een woord! De Nederlandse Taalunie staat erachter, maar gevoelsmatig vond ik het veel te geforceerd. Enfin, uit de context moesten kinderen dan maar ontdekken dat de chauffeur (Aha!) een vrouw was.
Bestuurster? Tja. Van het land of van een bus? Lastig hoor.

Wat doet het gebruik van onze taal met het vormen van onze kinderen? We moeten blijven vernieuwen, blijven nadenken, en blijven zoeken naar nieuwe, mooie woorden zoals: leerkracht.

Een neutraal woord voor schrijver: schrijfkracht?

*LEXIS, Journal in English Lexicology, december 2018
Gender-biased neologisms: the case of man-X
authors: Océane Foubert and Maarten Lemmens

Advertenties

DOOR DE OGEN VAN DE SCHRIJFSTER

IMG_1448Gisteren was zo’n dag waarop ik was waar ik het liefst ben, en ik deed waar ik gelukkig van word. Dit dankzij een alerte juf uit Katwijk die snel in actie kwam nadat ik in de Kinderboekenweek in haar klas vertelde over- en voorlas uit Silas en de wolf. Zij belde haar vriendin Linda die werkt in bezoekerscentrum De Kennemerduinen en o.a. bezig was rond de organisatie van de tentoon-stelling: Door de ogen van de wolf. Linda nam per omgaande contact met mij op, en zo kwam het dat ik gisteren deze informatieve en kindvriendelijke expo opende. Linda stelde mij vragen over het ontstaan van mijn boek en ik stelde weer vragen aan de aanwezige kinderen. “Wie kent er verhalen over wolven?” En die kenden ze allemaal.
De opening werd druk bezocht en de interactieve tentoonstelling goed gewaardeerd. Na afloop van het voorlezen kwam een flink aantal (groot)ouders met kinderen Silas en de wolf laten signeren. Er was een trotse jonge vader bij, wiens pasgeboren zoon, diep in slaap in de kinderwagen, Wolf heette. En een jongen die al twaalf was maar het boek toch graag wilde hebben.
Na het signeren stond er een lunch klaar in zo’n houten ruimte die zich het best laat omschrijven als een grote, gezellige eetkeuken. Met kerstboom, bosachtige aankleding, en een enorme tafel gemaakt uit een dikke boomstam die vol stond met bio-sapjes en heerlijke ambachtelijke broodjes op dikke planken. De ruimte stroomde vol boswachters en vrijwilligers, ik zag baarden, grote rode handen, rode wangen, verwaaid haar, en de groene jasjes gingen uit want buitenmensen vinden het binnen al gauw te warm. De sfeer was ongedwongen, mensen maakten gemakkelijk een praatje, de broodjes waren heerlijk. Na verloop van tijd gingen de jasjes weer aan, want er moest gewerkt worden. Een vrouwelijke boswachter legde mij nog uit welke mooie wandeling ik goed kon maken en (spijtig) nam ik afscheid.
Weer  buiten liep ik het pad op dat me was gewezen en begon ik de groene paaltjes te volgen. Het was bewolkt. Ik was waar ik het liefst ben. Tussen bomen. In stilte. Ik liep niet snel en stond vaak stil, zoals ik gewoon ben, want er is altijd veel te zien. Bijna twee uur later kwam ik terug bij mijn auto, mijn jaszakken vol natte dennenappels.
Nu staat het pluche wolfje dat ik kreeg van een lieve vriendin die kwam luisteren, op mijn werktafel. De dennenappels staan in een mand op de verwarming. Langzaam drogen ze en gaan ze open.

Het was een goede, een heel mooie dag.

 

 

Onderstaand blog werd eerst gepubliceerd door de afdeling natuur-educatie van Nationaal Park Zuid-Kennemerland vanwege de feestelijke en kindvriendelijke wolvententoonstelling (opening 22 december 2018).  Op deze opening, helemaal in kerstsfeer, vertel ik over het ontstaan van mijn boek Silas en de wolf en lees een aantal fragmenten voor. Hierna blijf ik natuurlijk nog een poosje voor wie het leuk vindt om na te praten en een boek (met wolvenbril!) te laten signeren.

SILAS EN DE WOLF

Zoals veel Nederlanders spits ik mijn oren als er weer nieuws is over ‘de terugkeer van de wolf’ want de wolf spreekt al vanaf mijn kindertijd tot mijn verbeelding en is dat blijven doen. Zoals veel kleuters kreeg ik sprookjes voorgelezen waarin de wolf een belangrijke rol speelde, en toen ik het lezen eenmaal machtig was en fanatiek boeken in de Leidse kinderbibliotheek leende, kon ik mijn geluk niet op als ik een boek vond waar een wolf in voorkwam. Verhalen over wolven waren immers altijd spannend en speelden zich vaak af in een koud land waar het prachtig sneeuwde, waar ijspegels glinsterden in zon en waar de mensen arm waren. Een boekenland waar het leven moeilijk, zielig en spannend, maar overzichtelijk leek. Het ging om onderdak vinden in een houten huis of schuur, een vuur om je bij te warmen, een rendier die haar warme adem in witte wolkjes uitblies en moederlijk toeliet dat de hoofdpersoon haar hongerige, koude kinderlijfje tegen haar flank vleide om te delen in haar warmte. Of over die wolf die een verscheurend dier was, behalve voor dat ene kind, de hoofdpersoon. Daar paste die wolf op, daar vocht hij voor, dat was zijn mensenvriend. Mijn mensenvriend, mijn speciale vriend… want als ik las werd ik die hoofdpersoon, liep ik door de sneeuw, en sloeg ik mijn armen om de nek van de wolf…

Als jeugdboekenschrijfster bezoek ik met grote regelmaat basisscholen om over mijn werk te vertellen. Naar aanleiding van mijn boek Silas en de wolf praat ik met kinderen over de terugkeer van de wolf in Nederland, over het standpunt van schapenhouders, en over jagen en jagers. In de randstad kom ik eigenlijk nooit een kind tegen die een jager kent. Kom ik echter op een basisschool in bijvoorbeeld Twente en vraag ik of de kinderen iemand kennen die jaagt, dan gaan er per klas zo’n zeven (aarzelende) vingers omhoog. Ze kennen een jagende opa, een jagende bakker, een jagende buurvrouw.
‘Zijn dat slechte mensen dan?’ Verontwaardigd: ‘Nee, natuurlijk niet.’
‘Zouden zij schieten op een wolf?’ ‘Nee…’ Er wordt getwijfeld. ‘Nee toch?’
‘Waarom eigenlijk niet?’ ‘Daar zijn er maar weinig van, hè?’ ‘Nee! Ze zijn beschermd!’
Een discussie volgt dat over wat dit betekent, een beschermd dier.
Natuurlijk heb ik prachtige foto’s van wolven op het digibord en als ik vraag wie een verhaal kent waar wolven in voorkomen, kennen alle kinderen er wel een.
Tot besluit lees ik een stukje voor uit Silas en de wolf. Voor ik wegga komen de kinderen een handtekening halen op een kaart van het omslag. Ze praten opgewonden. Een jongen zit het mooie omslag van Martijn van der Linden al na te tekenen. Hij kon bijna niet geloven dat het een tekening was, en geen foto. Als ik afscheid neem geef ik de leerkracht nog een paar voorleestips: Gordijnen dicht, licht uit, alleen twee kaarsjes aan, en ssst – voorlezen.
Laat de kinderen door de sneeuw het bos inlopen, het land in waar de wilde wolven zijn…’

Selma Noort
Silas en de wolf, Uitgeverij Leopold – vanaf 8 jaar.
www.selmanoort.nl

Unknown

 

CURSUS (BE)SCHRIJVEN onder leiding van (school- en jeugdboeken-) schrijfster Selma Noort.
Beschrijven, wie kan dat nog? We appen nu toch gewoon een fotootje.
Zo beschrijven dat de lezer jouw waarneming bijna zelf ervaart is een kunst van schaven, minder woorden, meer woorden, de juiste woorden, en een combinatie ervan.
Oefen het effect van verschillende stijlen, maak een bundel van acht beschrijvingen, en deel de beeld- en zeggingskracht van taal.

Locatie: de werkkamer in het schrijvershuis van Selma, Alphen ad Rijn.
auto: gratis parkeren en de locatie ligt heel makkelijk aan een afslag van de N11.
openbaar vervoer: 12 minuten lopen vanaf station Alphen a/d Rijn.

Datum en tijd:
Woensdagochtend van van 10.00-12.15 uur (kwartier koffiepauze). Start 17 oktober 2018, dan acht weken doorgaand met als laatste les op 5 december. Dit met enige flexibiliteit tot aan de kerst. Als 5 december lastig zou zijn, kunnen we bijvoorbeeld in overleg de week daarna afsluiten. 

Inhoud:
De schrijflessen geven oefening in het schrijven van korte verhalen / fragmenten voor verschillende doelgroepen, en vooral  ook oefening in het experimenteren met en hanteren van verschillende stijlen. Ieder werkt op eigen niveau. De verhalen die je schrijft zul je willen bewaren, en wellicht ook willen delen met anderen. Tijdens de lessen leggen we werk aan elkaar voor en leren we van elkaar.

Bij een gemiste les mag je bellen/mailen over de lesstof van die les en kun je eventueel thuis de gemiste opdracht alsnog maken en naar mij opsturen.

Praktische informatie:
Als je je wilt opgeven (en hopelijk anderen die schrijven leuk vinden, neem ze vooral mee) kan ik je begin oktober definitief laten weten of er genoeg cursisten zijn en of de lessen doorgaan. Ken je andere mensen (onderwijskrachten?) die hiervoor ook belangstelling hebben? Wat ik aanbied kun je namelijk ook toepassen op schrijfonderwijs met kinderen. Dan kun je misschien via school een vergoeding krijgen voor bijscholing/studie/cursus. 

Voor verdere informatie over kosten, locatie, etc., mail mij post@selmanoort.nl.

hartelijke groet,

Selma Noort
post@selmanoort.nl
www.selmanoort.nl
www.selmanoort-art.nl

SILAS EN DE WOLF

omslag 200 dpi

De wolf heeft altijd tot de verbeelding van de mens gesproken. Jonge kinderen horen al over de wolf in sprookjes, en ik herinner me een jeugdboek dat ik prachtig vond, waarin een meisje bevriend raakte met een wolf die haar, zodra ze in gevaar verkeerde, vol liefde en trouw verdedigde door haar belagers aan te vliegen. O, wat wilde ik graag zo’n vriend die met zijn nekharen overeind grommend zijn tanden zou ontbloten zodra er weer eens treiteraars opdoken.
Weer later moest ik erg lachen om het lied van Drs. P. “Trojka hier, trojka daar” over de Russische familie die kind na kind opofferde aan de wolven.

Tijdens het schrijven van Silas en de wolf vroeg ik aan basisschoolkinderen of ze gehoord hadden van de terugkeer van de wolf in Nederland. Alle kinderen wisten hier vanaf, mede door het jeugdjournaal. Ik vroeg hen wat ze hiervan vonden. En daarna wat ze vonden van de argumenten van schapenhouders over het gevaar dat de wolf voor hun schapen oplevert. Net zoals grote mensen konden kinderen de problemen niet op korte termijn oplossen. Ze vonden het heel spannend dat er weer wolven in Nederland in de bossen zouden wonen, maar vonden het ook zielig voor de schapen en lammetjes die waren aangevallen. Zonder uitzondering wilden ze, jongens en meisjes, mijn boek lezen over Silas die in het uiterste zuiden van Nederland tegenover een wolf komt te staan als hij door het bos dwaalt. Ze waren teleurgesteld toen ze begrepen dat het boek nog niet gedrukt was.

Met een boek als Silas en de wolf komen zaakvakken tot leven. De overbevolking, de maatschappij, de natuur, de boeren, het verdwijnen van dieren die hier vroeger wel voorkwamen, jagers, en nog veel meer. Met dit boek daag je kinderen uit een mening te vormen, en daarna om die mening weer te bevragen door de zaak van alle kanten te bekijken. Zo leren kinderen dat zwart-witte opvattingen nuances missen, en dat je je mening kunt bijgestellen naarmate je beter geïnformeerd raakt.

Silas en de wolf is niet alleen een boek over wolven. Het gaat over een jongen waarvan zijn vader is omgekomen, over opnieuw beginnen, over van de stad naar de natuur verhuizen, over een dorpsgemeenschap met een jagerscultuur, en over vriendschap.

Silas en de wolf verschijnt eind september bij uitgeverij Leopold, voor 7t/m10 jaar. Het prachtige omslag is gemaakt door Martijn van der Linden.

voorkant oppassenJaap Friso van “Dé recensiewebsite over jeugdliteratuur, JAAP LEEST”, somt naar aanleiding van mijn boek Oppassen problemen op die niet in het boek staan, sneert links en rechts nog wat en roept dan “Carry Slee!” (waartegen ik overigens geen bezwaar heb). Snerend recenseren, arrogant en lekker populair. Je krijgt er altijd wel enkele jaknikkers mee in je kielzog, want er is veel te vrezen in kinderboekenland.  Wie waagt het een kritische noot bij een onzorgvuldige, flauwe recensie te plaatsen? Zeker niet als de recensent ook in jury’s zit die kinderboeken beoordelen.

Hier dan de juiste feiten die zelfs beginnend amateur-recensenten goed lazen in mijn boek “Oppassen”: Oppaskindje wordt ontvoerd door zijn vader, niet door zijn ‘gescheiden’ vader. Hoofdpersoon Nina vind het eng in de brugklas (en is bang in het donker) maar spreken van “angststoornissen” slaat nergens op. Luca is haar halfbroer, niet haar stiefbroer. Hij is drie jaar ouder, niet vijf jaar ouder. Nina en Luca hebben betrokken, liefdevolle ouders en een warm, gezellig thuis, hun ouders zijn niet gescheiden. Duizelt het al, zoveel correcties die er zeker toe doen – want ‘probleemboek’ roepen is nu minder voor de hand liggend. Duizelt het al? En Stiefkind is een 12/13+ boek, het is zeker niet voor 10-jarigen. Maar dit staat wellicht zo in Jaaps recensie omdat het goed past in zijn ‘een pot nat’ benadering.

Duizelt het al? sneert Jaap Friso in zijn recensie na zijn onjuiste opsomming van problemen.

Oppassen is geen probleemboek. Het gaat over pittige, leuke kinderen, een fijn gezin, maar ook over eigentijdse issues. Bang zijn in het donker is in dit boek eerder grappig en kinderachtig van de hoofdpersoon (en dat weet ze zelf ook wel) dan een probleem, en het is zeker geen stoornis.

Bij het lezen van deze recensie moet ik denken aan zo’n onderwijzer die, zonder werkelijk naar de CITO-toets te kijken, doorverwijst naar het vervolgonderwijs. Hij weet immers al wat ik in mijn mars heb en hij kent mijn ‘soort’. Dus hij zet me weg waar ik volgens hem hoor.

Dit schrijft Jaap Friso op FB:

“Rond mijn 14e was ik dol op de zogenaamde ‘kommer- en kwelreeks’. Boeken (vooral van Lemniscaat) waarin moeilijke maatschappelijke thema’s werden behandeld, maar toch lekker weglazen.

De recente boeken van Selma Noort passen in zo’n reeks. Verhalen over kinderen met veel verantwoordelijkheid en problemen, vaak komen ze uit gebroken gezinnen.

In Oppassen een meisje met angstoornissen en een oudere stiefbroer die graag in vrouwenkleren loopt. Ze passen een weekend op een jongetje, dat wordt ontvoerd door de gescheiden vader. Ga er maar aan staan om hier een coherent verhaal van te maken maar dat is gelukt.

Dit is dan de recensie op zijn web site:

“Liefde voor altijd bestaat niet”

GENRE: Kinderboek 

UITGEVER: Leopold

WAARDERING: 7.5

Nina (12) heeft een angststoornis en haar vijf jaar oudere halfbroer Luca loopt graag in meisjeskleren en maakt zich op. Het wat ongewone duo is tot elkaar veroordeeld als hun ouders een weekend naar Parijs gaan. Geen straf want ze kunnen het goed met elkaar vinden. Luca wordt onverwachts ingeschakeld door de moeder van zijn oppaskind en tijdens het bewuste weekend wordt het jongetje op wie ze passen  ontvoerd door zijn gescheiden vader.

Duizelt het al?  Schrijfster Selma Noort heeft er een handje van om veel personages en verhaallijnen op te voeren en dat brengt bijna automatisch gevaren met zich mee. Dat het te vol wordt omdat een een auteur te veel wil vertellen en dat de focus ontbreekt. Aan dat euvel lijdt Oppassen enigszins maar Noort slaagt er wonderwel in om zaken die bijna onaannemelijk zijn toch geloofwaardig te maken. Een kind dat zomaar wordt meegenomen uit de speeltuin in een bestelbusje. Een allochtone jongen die de androgyne Luca buitengewoon aantrekkelijk vindt.

Het is op het randje maar het wordt niet echt vreemd, vooral door de soepele verteltoon. Het is de verdienste van Noort dat ze wegkomt met die mate van onwaarschijnlijkheid. Net als in de 10+boeken Afkoelen en Stiefkind, die indezelfde lijn liggen.  Anders dan bijvoorbeeld Carry Slee, die soortgelijke thema’s behandelt, maar het er dikker bovenop legt. Noorts verhalen lezen ook gemakkelijk weg, maar krijgen meer diepgang.

Het genderissue van Luca wordt onnadrukkelijk uitgewerkt waardoor het snel vanzelfsprekend wordt.  Dat geldt in mindere mate voor de angsten van Nina, die niet veel meer dan een gegeven zijn, al lijkt het iets met de scheiding van haar ouders te maken te hebben. ‘Liefde bestaat niet echt, denk ik. En dan denk ik: liefde voor altijd bestaat niet’. Het zijn fraaie karakterss, maar ze strijden net iets teveel om voorrang om ze goed te leren kennen

De boeken van Noort zouden niet misstaan in de serie die vroeger werd aangeduid als ‘de kommer en kwelreeks’. Hedendaagse problemen waarbij veel identificatie  mogelijk is. Het gaat doorgaans om kinderen uit gebroken gezinnen, met veel verantwoordelijkheid en de nodige problemen. Maar er is ook  sprake van liefde en vriendschap, hoe ingewikkeld ook, en daarmee altijd een perspectief.

 

Blij was ik met een eerste reactie van een jonge lezer op mijn nieuwste boek “Oppassen”! (11 t/m 15 jaar) “Het gaat over interessante jongeren, het boeit. Wat je over ze leest zou je niet gauw over iemand te weten komen in het echt. Ik was telkens verrast over hoe ze waren. Ze waren anders dan ik verwachtte. Bijna alsof ik achter hun diepste geheimen ben gekomen. Het voelde ook gevaarlijk. Ik denk dat ik me beter zou aanpassen omdat het gevaarlijk is als je zo eerlijk bent over jezelf. In elk geval op de middelbare school.” En: “Ik vroeg me af of ik anders was geweest als ik zulke vrienden had gehad.”

Dit boek “Oppassen” zou eerst in de zomer en onder een andere titel zijn verschenen bij uitgeverij Leopold. Door omstandigheden is het afgelopen december onder deze titel verschenen en daardoor wellicht aan de aandacht ontsnapt. Dit kan ik natuurlijk niet laten gebeuren, want de hoofdpersonen uit mijn verhaal zijn het waard om kennis mee te maken. Homo of hetero, jongen of meisje – doet het ertoe? Waarom moeten homo’s uit de kast komen en hetero’s niet? Waarom zou je jezelf begrenzen? Waarom moeten mensen gelabeld worden? Je bent een mens en je houdt van een mens, maak het niet ingewikkelder dan het is. Je bent niemand uitleg verschuldigd.
In dit verhaal krijgen de complexiteit van seksuele keuzevrijheid, samengestelde gezinnen, multiculturaliteit, talent, liefde, vriendschap en eigenheid alle aandacht.

voorkant oppassen.jpg

De achterflap geeft spanning over een vermiste oppaskindje weer. Dit was mijn opzet. Ik hoop hiermee dat jongeren het boek zullen pakken en lezen, spanning verwachtend, en dat zij dan (hopelijk) net zo verrast zullen zijn over de inkijk in het leven van de hoofdpersonen als de jonge lezer van bovenstaand citaat.

Achterflap: “Midden in mijn verhaal staat Luca ineens op van het bankje en kijkt zoekend om zich heen. ‘Sammie?’ roept hij. Ik hoor schrik en ongerustheid in zijn stem. Sammie moet in de buurt zijn. Een minuut geleden scharrelde hij nog met zijn kiepautootje tussen de herfstbladeren. Hij is pas twee. Een kind van twee kan niet ver weg zijn.” Nina en haar broer Luca hebben beloofd om op elkaar te passen als hun ouders het weekeinde naar Parijs zijn. Maar dan is er ineens ook oppas nodig voor Sammie, Luca’s oppaskind. Nina besluit met Luca mee te gaan. Twee dagen en twee nachten van huis… Wat kan er nou helemaal gebeuren?

Onderwijstip:

Zoek je een boek om klassikaal te lezen in brugklassen en tweede klassen middelbare school, om over te discussiëren en om eigenheid bespreekbaar te maken – lees dat dit boek en overweeg of het iets is voor je klas.

 

img_3677Regelmatig bezoek ik verzorgingstehuizen of dagbesteding voor senioren (soms licht dementerend) om te vertellen over mijn werk als (jeugdboeken)schrijver en om voor te lezen. Niet omdat ouderen ‘kinds’ zouden zijn en daarom dus op kinderboeken getrakteerd worden, maar omdat jeugdboeken voor alle leeftijden interessant zijn, en omdat mijn werk tijdloos en herkenbaar genoeg is voor ouderen om er zich een voorstelling bij te maken.

Ik vertel o.a. hoe ik de verhalen schrijf, aan een uitgever verkoop, hoe de samenwerking met de illustratoren verloopt en wat voor technieken illustratoren kunnen gebruiken. Ik neem boeken mee om te bekijken en veel ouderen zijn zeer gecharmeerd van de prachtige illustraties en vormgeving van de kinderboeken van tegenwoordig.

Ik vertel hoe ik scholen bezoek en wat ik doe om het lezen bij kinderen te stimuleren. Ik vertel ook over kinderen die thuis een andere taal spreken, over onze multiculturele samenleving en het belang van lezen en boeken voor ALLE kinderen. De ouderen zijn hier vaak door getroffen en vinden het prettig om positief over de overeenkomsten tussen alle culturen te horen – alle mensen houden van hun kinderen, en alle kinderen leren lezen en beleven plezier aan verhalen en illustraties.

Een speciale ‘lezing/programma’ neem ik mee op verzoek. Ik neem de mensen dan mee in het verleden, naar de watersnoodramp van 1953. Ik laat een diapresentatie zien en ik lees voor uit mijn boek “De zee kwam door de brievenbus” (bekroond met de Vlag-en-Wimpel en de Thea Beckmanprijs voor het beste geschiedenisboek 2016) In dit boek staat het waar gebeurde verhaal van Lia Soeting die als 8-jarig meisje de watersnoodramp meemaakte. Dit boek is geen typisch jeugdboek, het is een boek voor alle leeftijden. Na afloop en tijdens de pauze raken mensen met elkaar en mij aan de praat en halen hun eigen herinneringen op aan de tijd van de watersnoodramp.

Kinderen en ouderen samen: Bij een van de verzorgingstehuizen waar ik een aantal keren ben geweest (bijv. in de weken voor Kerstmis met een kerstverhaal of rond het Sinterklaasfeest), worden ook kinderen van een naburige dagopvang uitgenodigd (0 t/m 6 jaar). Nadat ik de senioren een en ander over mijn werk en de totstandkoming van verhalen/boeken heb verteld, komen de kinderen om mij heen zitten om naar een voorleesverhaal te luisteren. Sommigen gaan bij de ouderen zitten, en de wandelwagentjes worden tussen de ouderen neergezet. Ik heb tijdens het voorlezen ouderen glimlachend hand in hand met een kleintje zien zitten. Wat ik over mijn werk verteld heb, zien zij nu in praktijk gebeuren en tevens ervaren ze hoe leuk verhalen, in eerste instantie bedoeld voor kinderen,  ook weer zijn.

http://www.selmanoort.nl / praktische informatie  of e-mail: post@selmanoort.nl

Selma Noort kreeg zaterdag 17 september in het Archeon de Thea Beckmanprijs 2016 voor het beste historische kinderboek “De zee kwam door de brievenbus”.

Een deskundige jury onder leiding van universitair docent cultuurgeschiedenis Hubert Slings heeft zich de afgelopen maanden gebogen over een ruim aanbod van oorspronkelijk Nederlandse historische jeugdboeken voor lezers van 12 jaar en jonger. De Thea Beckmanprijs is genoemd naar de in 2004 overleden schrijfster van een groot aantal historische jeugdboeken, waarvan “Kruistocht in spijkerbroek” bij velen bekend is. De uitreiking van de prijs, beschikbaar gesteld door het Archeon, vond traditiegetrouw ook plaats in het Archeon. Tijdens de presentatie van de shortlist van vijf titels werd per boek een animatiefilm getoond, gemaakt door studenten van de Willem de Kooning Academy waarna de winnaar van de Thea Beckmanprijs 2016 bekend werd gemaakt: “De zee kwam door de brievenbus” van Selma Noort (omslag en illustratie: Martijn van der Linden).

Eerder dit jaar al werd dit boek bekroond met de Vlag en Wimpel 2016 door de Griffeljury. In dit boek staat het waar gebeurde verhaal van Lia Soeting die als 8-jarig meisje in Kruiningen, Zeeland, de watersnoodramp meemaakte. Haar verhaal in dit boek wordt inmiddels landelijk gebruikt als aanvulling op de geschiedenislessen op basisscholen (leeftijd 9+).

Het is een wijdverbreid misverstand dat jeugdboeken alleen voor kinderen zouden zijn want jeugdliteratuur is leeftijdloos. Zo wordt dit verhaal ook veel gelezen door (groot)ouders en opvoeders, en andere in het onderwerp geïnteresseerde volwassenen die herinneringen hebben aan de watersnoodramp van 1953. Selma Noort bezoekt dan ook niet alleen scholen en bibliotheken om aan kinderen over haar boek te vertellen, maar zij leest ook voor aan groepen ouderen, waarna herinneringen worden opgehaald.

*Op de foto’s boven: – uitreiking in het Archeon, – met Ria Turkenburg van uitg. Leopold

img_3677

 

 

 

 

 

 

 

PERSBERICHT

Officiële opening Nationale Kunstdagen door Jan des Bouvrie

De Nationale Kunstdagen vinden op 12 en 13 november 2016 voor de zevende keer plaats. Tijdens deze professionele kunstbeurs exposeren kunstenaars hun werk zonder tussenkomst van galeries aan kunstkopers en -liefhebbers. De beurs wordt op zaterdag 12 november om 11.00 uur officieel geopend door Jan des Bouvrie.

Jan des Bouvrie is al enkele jaren ambassadeur van Stichting Kunstweek, de organisator van de beurs. Over het antwoord op de vraag of hij de officiële opening van de Nationale Kunstdagen wilde verrichten, hoefde hij niet lang na te denken.

Tijdens de beurs exposeren meer dan 200 kunstenaars, die door het publiek en deskundigen hoog worden gewaardeerd. Onder andere exposeert schrijfster en beeldend kunstenaar Selma Noort met haar figuratieve olieverfschilderijen enkele werken tijdens de beurs in Rotterdam Ahoy. Bezoekers kunnen in november genieten van bijna 1.500 kunstwerken, bijna elke kunstvorm is vertegenwoordigd: schilderijen, keramiek, tekeningen, fotografie, bronzen beelden, houten objecten, sieraden en nog veel meer disciplines worden geëxposeerd en te koop aangeboden door de makers van de kunstwerken zelf.

Jaarboek Kunstenaars
De opening van de Nationale Kunstdagen gaat gepaard met de eerste overhandiging van het dan net verschenen Jaarboek Kunstenaars 2017: het Jaarboek toont realistische en abstracte kunst, schilderijen en beelden van bekende Nederlandse kunstenaars en van jong talent. Door de omvang en samenstelling is het Jaarboek een referentie en naslagboek, waarbij alfabetische en geografische registers het vinden van een kunstenaar gemakkelijk maakt.

Toegangskaarten voor de beurs zijn met grote korting in de voorverkoop verkrijgbaar via de website van de Nationale Kunstdagen: www.kunstdagen.nl.

————————————————————————————————————————-

Charlie and Charlie, 70/100 cm, olie op doekClaudette, olie op doek, 50/60 cm

%d bloggers liken dit: